Tijd voor Europese democratisering

Autocratisering van EU-kandidaatlanden neemt toe en extreemrechts rukt op in de lidstaten, toch blijft het democratisch tekort van de Europese Unie zelf onbenoemd in de State of the Union speech van von der Leyen. Met de Russische escalaties en de naderende toetreding van Oekraïne en Moldavië kunnen de EU en haar lidstaten er niet langer omheen: het debat over hoe we de Unie democratisch hervormen en antidemocratische krachten het hoofd bieden moet nieuw leven worden ingeblazen.

 

Een Europese veiligheidsraad, Canada als eerste EU ‘partner-lidstaat’ en een verbod op social media gebruik voor jonge kinderen, dat waren de koppen die het nieuws rondom de State of the Union speech van EU Commissie voorzitter Ursula von der Leyen domineerden. Begrijpelijkerwijs namen veiligheid en een daadkrachtige Europese Unie, onafhankelijk van onvoorspelbare landen (lees: Trump), een groot deel in van de speech van de Duitse politica.

 

Democratisch tekort

De olifant in de kamer werd echter onbenoemd gelaten. De EU heeft altijd gekampt met een groot democratisch tekort. Bij de laatste Europese Parlementsverkiezingen was de opkomst slechts 50,7%. Nauwelijks meer mensen, 52%, zegt vertrouwen te hebben in de Europese Unie, blijkt uit onderzoek van Eurobarometer. De gebrekkige steun is nóg kleiner in niet-stedelijke gebieden. Juist nu de toetreding van landen als Moldavië en Oekraïne steeds hoger op de politieke agenda te komen staan (slechts 56% is vóór EU-uitbreiding) is het belangrijker dan ooit dat het democratische tekort wordt geadresseerd. Het Europese project, vaak geclaimd als hét baken van stabiliteit, vrijheid en democratische waarden in de wereld, kan niet tevreden zijn met zulke magere rapportcijfers. In tijden van opkomend extreemrechts, zoals we nu zien in Duitsland, is het cruciaal dat er eindelijk dialoog op gang komt dat Europese democratisering op de agenda zet.

 

Oprukking extreemrechts

De overwinningen van populistische zondebokpolitiek in Saksen-Anhalt en Mecklenburg-Voor-Pommeren zijn het zoveelste bewijs van een trend die niet alleen in Europa, maar overal ter wereld te zien is: extreemrechts rukt op. Gemarginaliseerde groepen, de vrijheid van meningsuiting, rechters en journalisten betalen de prijs. Toch blijft de reactie van de zittende politiek steevast hetzelfde: eerst schrik, dan een streng verwoorde veroordeling, om vervolgens in de oude vertrouwde politiek te vervallen die de opkomst van extreemrechts juist mogelijk maakt. De tactieken van AFD, PVV of Marine le Pen gaan namelijk verder dan puur inspelen op xenofobe onderbuikgevoelens. Ze maken gebruik van het gevoel van onbegrip en de afstand die mensen tot de politiek voelen. Simpel gezegd: veel mensen voelen zich niet vertegenwoordigd, en extreemrechts springt maar wat graag in dat gat.

 

Wake-up call

Juist voor de EU hoort dat niet alleen een reden voor verontwaardigde statements te zijn, maar een urgente wake-up call. Hoe langer de Unie het debat over democratische hervormingen voor zich uitschuift, hoe meer extreemrechtse bewegingen in Europa aan terrein winnen. Dat debat zou niet alleen in de Europese instituties moeten plaatsvinden, maar ook juist in de lidstaten. Als reactie op de Russische invasie en hybride aanvallen op het Europese continent hebben Georgië, Moldavië en Oekraïne in 2022 zich aangemeld voor EU-lidmaatschap. De vergevorderde onderhandelingen met die laatste twee landen luiden een nieuw tijdperk in voor de EU. De Unie en haar lidstaten moeten dat moment aanpakken om het debat over democratische hervormingen nieuw leven in te blazen.